Slechtnieuwsgesprek
Houd bij het voeren van een slechtnieuwsgesprek de volgende fasen aan:
1. Bereid u goed voor.
Maak een afspraak om het slechte nieuws zo snel mogelijk te brengen. Bereid uw argumenten (op papier) goed voor. Regel een plaats waar u het gesprek ongestoord kunt voeren en zorg voor voldoende tijd.
2. Houd het gesprek in de hand.
Houd de inleiding kort. Formuleer het slechte nieuws direct en duidelijk. Laat pas daarna merken dat u meeleeft met de ander, maar overdrijf niet.
3. Geef ruimte om het nieuws te verwerken.
Geef voldoende tijd om stoom af te blazen. Luister goed, maar reageer niet inhoudelijk. Vat eventueel zijn/haar reactie kort samen.
4. Formuleer argumenten en redenen.
Geef kort en bondig uw argumenten. Verschuil u niet achter anderen. Ga niet in discussie. Zwak het slechte nieuws niet af. Maak geen flauwe aanmoedigende opmerkingen.
5. Zoek samen naar oplossingen.
Denk met de ander mee. Stel vragen zodat de ander ook zelf met oplossingen komt. Laat de ander niet alleen zitten met het slechte nieuws.