Gebruik voor observeren en beoordelen van leerlingen de WAKKER-procedure.
WAKKER
· Waarnemen: Wat doet en zegt de leerling?
· Aantekeningen maken: Leg uw waarneming vast. Niet uw interpretatie!
· Klassificeren: Over welke competenties en prestatie-indicatoren uit het KD zegt het gedrag iets?
· Kwalificeren: In hoeverre voldoet het gedrag aan de standaard?
· Evalueren: (bij meerdere beoordelaars) Welk eindoordeel wordt gegeven?
· Rapporteren: Leg de beoordeling vast. Koppel terug. Laat de betrokkenen tekenen voor akkoord. Geef aan wie de beoordeling heeft uitgevoerd en welke afspraken zijn gemaakt.
Er is ook een aantal valkuilen bij het observeren en beoordelen van leerlingen. Hieronder enkele tips om deze te vermijden.
Tips voor observeren en beoordelen:
· Kijk gericht naar de leerling.
· Kijk naar alle belangrijke onderdelen in plaats van slechts naar één onderdeel.
· Vergelijk de leerling niet met andere leerlingen, maar met de prestatie-indicator.
· Vermijd het Halo-effect: generaliseren van goede eigenschappen (een aantrekkelijke, sympathieke leerling wordt positief beoordeeld).
· Vermijd het Horn-effect: generaliseren van slechte eigenschappen (een onaantrekkelijke, minder sympathieke leerling wordt minder positief beoordeeld).