Coachen
In uw rol als coach/praktijkopleider is het belangrijk dat u de leerling vraagt naar meer dan dat hij/zij u vertelt. U kunt hiervoor twee ezelsbruggetjes gebruiken:
· OEN-gedrag: wees Open, Eerlijk en Nieuwsgierig
· LSD: Luisteren, Samenvatten en Doorvragen.
Coach leerlingen door feedback (terugkoppeling) te geven en ze te motiveren.
Feedback
· Beschrijf of benoem wat u ziet.
· Geef het concrete gevolg van de handeling van de leerling en uw mening, gevoel of reactie.
· Vertel hoe het gedrag van de leerling op u overkomt.
· Geef tips voor gedragsverandering in de ik-vorm.
· Controleer of de leerling u begrepen heeft en vraag wat hij/zij ervan vindt.
Er is ook een aantal valkuilen bij het geven van feedback. Hieronder enkele tips om deze te vermijden.
Zorg ervoor dat:
· De feedback géén rechtstreekse aanval is.
· De feedback op de persoon is gericht.
· De feedback direct na het gedrag wordt gegeven.
· De feedback niet wordt gegeven in het bijzijn van anderen.
· U de feedback geeft in de ik-vorm.
· De feedback positief en opbouwend is.
· De feedback geen oordeel bevat.
Motiveren
Motiveer de leerling om te blijven leren.
· Geef (letterlijk of figuurlijk) een schouderklopje.
· Zorg voor voldoende afwisseling in het werk.
· Geef de leerling passende verantwoordelijkheden.
· Fouten maken mag.
· Wees betrokken bij de leerling.
· Geef de leerling voldoende aandacht.
· Kom altijd uw afspraken met de leerling na.
· Wees altijd eerlijk en duidelijk.
· Sta open voor suggesties van de leerling.